Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
tweehonderdvijfenveertig
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌtwehɔndərtˈfɛifəɱˌvertəx/
Betekenis
telwoord
- "245", het getal tussen tweehonderdvierenveertig en tweehonderdzesenveertig, tweehonderd plus vijfenveertig
- om een hoeveelheid aan te gevenDe totale kosten bedragen tweehonderdvijfenveertig euro en zevenendertig cent.
- om een plaats in een volgorde aan te gevenWe logeerden vlakbij het strand in kamer tweehonderdvijfenveertig van het grootste hotel.
zelfstandig naamwoord
- dat wat in een (rang)ordening met 245 is aangeduidAls jij tweehonderdvijfenveertig opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner.
- groep van 245 eenhedenDie tweehonderdvijfenveertig kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden.
Vertalingen
Fransdeux-cent-quarante-cinq
Duitszweihundertfünfundvierzig
Italiaansduecentoquarantacinque
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek