Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

tweehonderdvijfenveertig

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌtwehɔndərtˈfɛifəɱˌvertəx/

Betekenis

telwoord
  1. "245", het getal tussen tweehonderdvierenveertig en tweehonderdzesenveertig, tweehonderd plus vijfenveertig
  2. om een hoeveelheid aan te geven
    De totale kosten bedragen tweehonderdvijfenveertig euro en zevenendertig cent.
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
    We logeerden vlakbij het strand in kamer tweehonderdvijfenveertig van het grootste hotel.
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 245 is aangeduid
    Als jij tweehonderdvijfenveertig opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner.
  2. groep van 245 eenheden
    Die tweehonderdvijfenveertig kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden.

Vertalingen

Fransdeux-cent-quarante-cinq
Duitszweihundertfünfundvierzig
Italiaansduecentoquarantacinque