Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
tweepersoonshut
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtwepɛrsonsˌhʏt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) afgezonderde slaap- en verblijfplaats aan boord van een schip, bestemd voor twee mensenVan slapen kwam niets, ook al wegens het zware gesnurk van een medepassagier in de kleine tweepersoonshut.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek