uiterton

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈœytərˌtɔn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (scheepvaart) bij een bebakend vaarwater of zeegat de boei die het meest naar zee ligt
    Nu telt alleen maar 150 km per dag en ik zie de uiterton van Scheveningen al.