uiterton
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈœytərˌtɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) bij een bebakend vaarwater of zeegat de boei die het meest naar zee ligtNu telt alleen maar 150 km per dag en ik zie de uiterton van Scheveningen al.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek