uitlegger

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die duidelijk maakt wat er bedoeld wordt
    De uitspraken van het orakel waren zo ingewikkeld dat er een uitlegger voor nodig was om er iets van de kunnen begrijpen.
  2. verouderd (verouderd) iemand die toezicht hield op Bosnegers in Suriname en meestal voer op de rivier in een boot met uitleggers

Etymologie

* van uitleggen