uitwisselen
/ˈœytwɪsələ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) wederzijds ruilen
- een bericht naar elkaar sturen'Dat doet nauwelijks onder voor Zorn'was Lauritz'eerste spontane commentaar en Sverre en Johanne wisselden een korte verrukte blik uit.
Vertalingen
Engelsexchange
Spaansintercambiar, permutar, trocar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek