uitzuigen

/ˈœytsœyɣə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) het vocht uit een vrucht of een dier zuigen
    Een spin maakt eerst het lichaam van haar slachtoffer vloeibaar om het vervolgens uit te zuigen.
  2. ov, politiek (ov) (politiek) iemand economisch uitbuiten
    Volgens het socialisme worden arbeiders uitgezogen.