ulo

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈylo/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderwijs, geschiedenis (onderwijs) (geschiedenis) (Nederland) tussen 1920 en 1968 officiële benaming voor een school waar in aansluiting op de lagere school vier jaar onderwijs in een aantal theoretische vakken werd gegeven
    Diens zoon Bertus bezocht de ulo, waar hij enthousiast kennismaakte met het werk van de Duitse dichters waarover een van zijn leraren sprak.
  2. onderwijs, geschiedenis (onderwijs) (geschiedenis) (Suriname) school waar in aansluiting op de lagere school twee of drie jaar onderwijs in een aantal theoretische vakken werd gegeven
    Eigenlijk had ik nog door naar school willen gaan. Naar mulo-4. Maar ja. Anderen hebben niet eens een ulo.

Etymologie

*(letterwoord)