vaag
Wat is de betekenis van vaag?
vaag betekent: iets wat niet duidelijk is, niet scherp omlijnd
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- iets wat niet duidelijk is, niet scherp omlijnd
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vagen
- gebiedende wijs van vagen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vagen
Voorbeelden van "vaag" in een zin
- Iedereen hield zijn adem in toen Christa's sombere ogen in de spiegel keken en iedereen ademde opgelucht uit toen er een vage maar gemeende glimlach op haar gezicht verscheen.
- De brief rook vaag naar een ongewoon parfum en had ezelsoren, alsof Marjorie Quick hem een paar dagen in haar handtas had bewaard, voordat ze uiteindelijk had besloten hem op de bus te doen.
- Ik vaag.
- Vaag!
- Vaag je?
Etymologie
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onduidelijk’ voor het eerst aangetroffen in 1798
Vertalingen
cavaga
Deensutydelig
Duitsvag, ungenau, vage, unbestimmt
Engelsindistinct, vague, unclear
Fransflou, vague, indistinct
iavage
Italiaansvago
Spaansvago, confuso, borroso
Zweedsoklar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek