vaccin
onzijdig (het)/vɑkˈsɛ̃/
Wat is de betekenis van vaccin?
vaccin betekent: (medisch) uit verzwakte ziekteverwekkers bestaande entstof om afweer op te bouwen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) uit verzwakte ziekteverwekkers bestaande entstof om afweer op te bouwen
Etymologie
*van """, in de betekenis van ‘entstof’ aangetroffen vanaf 1805
Vertalingen
Engelsvaccine
Fransvaccin
DuitsImpfstoff, Vakzin
Spaansvacuna
Italiaansvaccino
Japansワクチン
Poolsszczepionka
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek