vakgroep
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- coherente verzameling kennisgebieden die vallen onder één hoogleraarAan erfelijkheidsonderzoek komt dus, vreemd genoeg, geen DNA te pas. Aan de basis van een erfelijkheidsstudie liggen vragenlijsten. De meeste tweeling-onderzoekers zijn verbonden aan psychologische faculteiten. Het Nederlandse Tweelingen Register is ondergebracht bij vakgroep Biologische Psychologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. NRC Lucas Brouwers 24 februari 2017
- groep binnen een organisatie met een bepaalde kennis, vaardigheid of bezigheid als gemeenschappelijke factor, een deel van een vakverenigingHij was hoofd van de vakgroep bouwkunst der algemene katholieke kunstenaarsvereniging.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek