valscherm
onzijdig (het)/ˈvɑlsxɛrᵊm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- horizontaal zeil met verwaarloosbaar gewicht dat bij een val van grote hoogte de vaart van wat eraan hangt zo vermindert dat neerkomen zonder schade mogelijk is
- (figuurlijk) persoonlijke voorziening om met minimale schade uit een moeilijke situatie te komen
- huidvlies tussen poten en staart waarmee sommige zoogdieren een glijvlucht kunnen maken
- (bouwkunde) schuin paneel onder steigers bij bouwwerkzaamheden waardoor vallend materiaal niet op mensen terecht kan komen
- (toneel) doek dat tussen toneel en publiek kan worden neergelaten
Etymologie
*[1] leenvertaling van "Fallschirm"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek