vanille
mannelijk/vrouwelijk (de)/vaˈniljə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) (specerij) een smaak- en geurstof geëxtraheerd van de vanilleplantDit roomijs smaakt naar vanille.Het water liep me spontaan in de mond als ik dacht aan een vanille milkshake en cola met ijs.
- (plantkunde) benaming voor een bepaalde tropische klimplant,
Etymologie
* Leenwoord van Frans "vanille", in de betekenis van ‘specerij’ voor het eerst aangetroffen in 1734
Vertalingen
Engelsvanilla
Fransvanille
DuitsVanille
Spaansvainilla
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek