veiligheid
vrouwelijk (de)/ˈvɛiləxhɛit/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een situatie waarin een bepaald gevaar niets kan aanrichtenDe huizen werden in veiligheid gebracht voor de naderende storm.‘Ik ben gelukkig vast in dienst. Voor mijn baas is deze situatie uiterst vervelend. Veel bedrijven moeten nu een balans gaan zoeken tussen geld blijven verdienen en de veiligheid. Vandaag gaan we ook bekijken hoe we het vanaf volgende week gaan doen met het werk.’President Niinisto en premier Marin van Finland zijn voorstander van het NAVO-lidmaatschap van hun land. Volgens de twee moet het land "zonder vertraging" een aanvraag doen voor het lidmaatschap van het militaire bondgenootschap. Dinsdag zei de defensiecommissie van het Finse parlement al dat toetreden tot de NAVO de beste optie is om nationale veiligheid te garanderen.
Etymologie
*Afgeleid van veilig .
Vertalingen
Engelssafety, security
Franssécurité
DuitsSicherheit
Spaansseguridad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek