venten

/ˈvɛntə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg, handel (inerg), (handel) op straat of huis aan huis iets verkopen
    Hij ventte met koek en snoepgoed, maar de zaken gingen slecht.

Etymologie

* In de betekenis van ‘in het klein verkopen aan de deur’ voor het eerst aangetroffen in 1277

Vertalingen

Engelspeddle, sell door-to-door
Spaansvender como buhonero