verbeurte

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het als straf verliezen van bepaalde eigendommen
    Zo werd in 1751 besloten „het kopen en verkopen op zondagen en inzonderheid onder de verkondiging van des Heeren Woorden als nog strikt te verbieden, op poene dat zij die zich daar aan mochten schuldig maken telkens boven verbeurte van de verkochte goederen en waren, vervallen zullen in een boete van een pond vlaams.”
  2. op verbeurte van: met verlies van

Etymologie

* van verbeuren