verhoging

vrouwelijk (de)/vərˈhoɣɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een plaats die hoger aangelegd is dan zijn omgeving
    De rechter zat op een verhoging.
  2. het hoger maken van een prijs
    De verhoging van de benzineprijzen hangt onder andere samen met het uitblijven van investeringen in raffinaderijen.
  3. medisch (medisch) een verhoogde lichaamstemperatuur
    Hij had een lichte verhoging ten gevolge van een griepje.

Etymologie

*[3] Als leenvertaling van wetenschappelijk Latijn "elevatio" of Frans "élévation".

Vertalingen

Engelsplatform, stage, increase
Fransélévé, élévation, augmentation
DuitsErhebung, Erhöhung, Preiserhöhung
Spaanselevación, aumento