verjagen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) dwingen om weg te gaan
    De soldaten verjoegen met schoten in de lucht de betogers.
    De hemel van de zomer verjaagt het zuur van de stad, zong Charles Trenet al: 'Wij zijn gelukkig, Route Nationale 7.'
    Na uren lopen en een hele tijd zoeken vond ik een vlakke plek voor mijn tent en gooide ik eerst een aantal stenen de struiken in om eventuele slangen te verjagen.

Etymologie

*Afgeleid van jagen

Vertalingen

Engelsdrive, frighten, chase away
Spaansahuyentar, asustar