Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

verjus

mannelijk (de)/vərˈʒy/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kookkunst (kookkunst) sap van onrijpe druiven, gebruikt als dressing of in een saus
    Het menu van de dag, vier gangen voor 65 euro, begint met carpaccio van zeeduivel met Sint-Jakobsschelpen. Daarbij komt een blanke saus met verjus, het sap van onrijpe druiven, ten tijde van Karel en Willem heel gewoon, maar nu is verjus bijna vergeten.

Etymologie

*van Middelnederlands "verjuus" en "verjus"