vermijden

/vərˈmɛi̯də(n)/

Wat is de betekenis van vermijden?

vermijden betekent: (ov) (trachten te) ontwijken

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) (trachten te) ontwijken

Voorbeelden van "vermijden" in een zin

  • We moesten onderweg proberen de gladde weggedeelten te vermijden.
  • Er waren de nodige vervelende lui, die onbeschoft, arrogant of verwend waren en ik deed mijn best om ze te vermijden.
  • Het was vooral een herinnering aan al die dingen waaraan hij vermeed te denken, de laatste jaren tenminste, aan hoe makkelijk het was geweest om van armoede tot rijkdom te komen, al hield hij niet van dat woord.

Betekenis en uitleg van vermijden

Vermijden betekent dat je iets probeert niet te doen of in een bepaalde situatie wegblijft van iets dat je liever niet wilt meemaken. Het kan gaan om het ontwijken van ongewenste situaties of het niet onder ogen zien van bepaalde problemen.

Je gebruikt het woord 'vermijden' vaak wanneer je iets onplezierigs of ongemakkelijks wilt ontlopen. Dit kan variëren van het vermijden van confrontaties in persoonlijke relaties tot het vermijden van ongezonde gewoonten. Het heeft een nuance van voorzichtigheid en kan soms zelfs wijzen op angst of onzekerheid, afhankelijk van de context.

Voorbeelden

  • Ik probeer suiker te vermijden omdat ik gezonder wil leven.
  • Tijdens de vergadering vermijd ik het onderwerp dat altijd tot ruzie leidt.
  • Ze besloot de drukke straat te vermijden en nam een rustigere route naar huis.

Woordoorsprong

Het woord 'vermijden' komt van het Middelnederlandse 'vermijden', dat 'ontwijken' of 'afhouden' betekende. Het is verwant aan het werkwoord 'mijden', wat ook 'ontwijken' betekent.

Veelgestelde vragen over vermijden

Wat is de betekenis van vermijden?

vermijden betekent: (ov) (trachten te) ontwijken

Hoe gebruik je vermijden in een zin?

Voorbeeld: “We moesten onderweg proberen de gladde weggedeelten te vermijden.

Etymologie

*afgeleid van mijden

Vertalingen

Engelsavoid, evade, elude
Franséviter
Duitsausweichen, entweichen, meiden
Spaansevitar, rehuir
Italiaansevitare
Portugeesesquivar, evadir, evitar
Poolsunikać
Zweedskringgå, undfly
Deensundgå, undvige