vernachelen

/vərˈnɑxələ(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) een loer draaien, voor de gek houden, iemand erbij lappen
  2. ov (ov) verprutsen van een gezamenlijk activiteit, ruïneren (van een spel)

Etymologie

*uit het Bargoens, ofwel van "נכלא" (nachla) "bedrog" ofwel afgeleid van nachel (nagel) en , in de betekenis van ‘beetnemen’ voor het eerst aangetroffen in 1910