verpanden
/vər'pɑndə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov), (handel) als basis voor een lening uit handen gevenZij moest er haar stradivarius voor verpanden.
Etymologie
*afgeleid van pand en
Uitdrukkingen
- Zijn hart verpanden aan — Sterk gehecht zijn aan
- Zijn leven verpanden — Zijn eigen leven op het spel zetten
- Zijn woord/eer verpanden — Iets zeggen of beloven waaraan men vervolgens, op straffe van eerloosheid, is gehouden
Vertalingen
Engelspawn
Spaansempeñar, pignorar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek