verschonen
/vərˈsxonə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) vervangen van vuile dingen door schoneIk verschoon de luiers van mijn dochtertje.Hoe vaak verschoon jij je bed?.Ik zal u nu alleen laten om u de gelegenheid te bieden bij te komen van uw reis en u te verschonen.
- (ov) sparen, vrijwarenIk hoop in de toekomst van dit soort vragen verschoond te blijven.De tocht bleef, aldus de organisatie, verschoond van grote incidenten, al moest twee keer na een valpartij een ambulance worden gebeld. Tubantia Wim Goorhuis 16-05-19 [https://www.tubantia.nl/almelo-e-o/hel-van-twente-met-de-wind-vol-op-de-kop~aa8bb82c/ Hel van Twente met 'de wind vol op de kop']
- (ov) goedpraten, rechtvaardigenDit verschoont natuurlijk geenszins zijn handelswijze.Wilt u mij verschonen?
Etymologie
*afgeleid van schoon (stam van het werkwoord schonen) en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek