versombering

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het depressiever worden; het minder optimistisch worden
    Het was moeilijk zijn opluchting te onderscheiden van een gelijktijdige versombering in die meer geheime, valse stemming.
    Afgelopen maand trok het vertrouwen aan in de bouwsector en de industrie, waarmee een versombering onder dienstverleners, winkeliers en consumenten werd gecompenseerd. In Nederland, Frankrijk en Italië werd het beeld over de economie rooskleuriger, terwijl de stemming in Duitsland en Spanje iets verslechterde. Duitsland noteerde ondanks de daling opnieuw de meest positieve uitslag van de grotere euro-economieën.

Etymologie

* afleiding van versomberen