verspannen

/vərˈspɑnə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. verkeer, geschiedenis (verkeer) (geschiedenis) vermoeide trekdieren verwisselen voor nieuwe
  2. luchtvaart, geschiedenis (luchtvaart) (geschiedenis) vleugels van een vliegtuig met behulp van stutten en strakgetrokken kabels een stevige vorm geven

Etymologie

*van Middelnederlands "verspannen"; op te vatten als afgeleid van "spannen"