vertaler

mannelijk (de)/vərˈtalər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep, taalkunde (beroep) (taalkunde) iemand die geschreven tekst overzet van de ene taal naar een andere
    De andere genomineerden zijn Henry Corver voor het poëtische essay Pelgrim langs Tinker Creek van Annie Dillard, Hans Kloos voor de roman-in-dichtvorm Hier maak ik mijn stad van Robin Robertson en Irma Pieper, de vaste vertaler van Karel Capek, voor zijn roman Hordubal.

Etymologie

*afgeleid van vertalen

Vertalingen

Engelstranslator
Franstraducteur
DuitsÜbersetzer
Spaanstraductor
Italiaanstraduttore
Portugeestradutor
Zweedsöversättare
Deensoversætter