verwachtingspatroon

onzijdig (het)/vərˈwɑxtɪŋspaˌtron/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gedachten over mogelijke toekomstige gebeurtenissen op grond van eerdere ervaringen of gangbare opvattingen
    Toeval kun je zien als datgene wat afwijkt van het verwachtingspatroon.
  2. sociologie (sociologie) opvattingen over gedrag of resultaten die horen bij een bepaalde rol
    Het verwachtingspatroon dat de samenleving van toezichthouders heeft „begint irrealistische trekken te krijgen”.
  3. sociologie (sociologie) ideeën over groepen op basis van geslacht, leeftijd, sociale klasse
    Mannen hoeven zich niet meer te conformeren aan het verwachtingspatroon van de man als jager, vrouwen niet aan het beeld van de onschuldige jonkvrouw in nood.
  4. sociologie (sociologie) veralgemening van één of meerdere eigenschappen die door de maatschappij worden toegekend aan alle leden die tot een bepaalde groep behoren
    Maar de demonstra[n]ten van het Tahrir-plein beantwoorden niet aan het oriëntalistische verwachtingspatroon.