verzinken

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) verdwijnen door in iets weg te zinken
    Het gekapseisde schip verzonk in de woedende zee.
  2. erga (erga) overdrachtelijk diep in gedachten zijn
    Hij was diep in gepeins verzonken.
    De rust en eenvoud van dagen in stilte alleen door de natuur lopen, verzonken in mijn gedachten.
  3. ov (ov) iets in een materiaal doen zinken
    Je kunt deze verbinding ook verzinken in het hout.
  4. ov, scheikunde (ov) (scheikunde) iets al of niet galvanisch met een laag zink afdekken
    men kan een voorwerp ook verzinken door het in een bad met gesmolten zink te dompelen

Etymologie

*Afgeleid van zink of afgeleid van zinken

Vertalingen

Engelssunk, countersink, galvanize
Fransse plonger dans, noyer, galvaniser
Duitsversinken, versenken, verzinken
Spaansensimismarse, abismarse, sumirse