verzoenen
Betekenis
werkwoord
- vrede laten sluitenHij slaagde er in de twee kampen te verzoenen.
Etymologie
*Afgeleid van zoenen
Vertalingen
Engelsreconcile
Fransréconcilier
Duitsversöhnen, aussöhnen
Spaansreconciliar, conciliar, avenir
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek