Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

veterpink

mannelijk (de)/ˈvetərˌpɪŋk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. schoeisel (schoeisel) metalen of kunststoffen ringetje of buisje aan het eind van een veter dat rafelen tegengaat
    Klanten krijgen veters nu precies op de juiste lengte en we maken zelf het uiteinde. Dat heet een veterpink of malie.
    Nadat ze samen met Bálint de goede kleur heeft gevonden, maakt hij de veters op een van de drie machines op maat en zet plastic veterpinken op de uiteinden.