viroloog

mannelijk (de)/viroˈlox/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. deskundige op het gebied van virussen en virusziekten
    'Ministers, leg dit eens uit?' Met die pertinente vraag deelt viroloog Marc Van Ranst op Facebook een document van het Duitse voedselagentschap waaruit blijkt dat het eind juli al op de hoogte was van fipronil in Belgische eieren. Tubantia Luc Beernaert 09-08-17 [https://www.tubantia.nl/economie/duits-agentschap-had-eind-juli-al-info-over-hoge-fipronilwaarden-in-belgische-eieren~a4220b27/ Duits agentschap had eind juli al info over hoge fipronilwaarden in Belgische eieren]
    Alle leerkrachten zouden zich vanaf volgend jaar moeten laten inenten tegen de griep. Daarvoor pleit de Nederlandse viroloog en influenza-expert, prof. dr. Ab Osterhaus, meldt De Telegraaf. Tubantia 06-02-18 [https://www.tubantia.nl/binnenland/viroloog-ab-osterhaus-pleit-voor-griepprik-docenten~a7fad715/ Viroloog Ab Osterhaus pleit voor griepprik docenten]
    De Volkskrant kreeg exclusief inzage in de uitgebreide databank van ICIJ. Volgens het dagblad staan in de databank van het ICIJ-collectief, die de periode van 2012 tot 2018 bestrijkt, ongeveer driehonderd artikelen van zeker 750 Nederlandse wetenschappers die bij Omics publiceerden. Onder hen zijn ook bekende wetenschappers, zoals farmaceut Jaap Goudsmit en viroloog Ab Osterhaus, vaak als laatste auteur in artikelen van medewerkers of promovendi. Tubantia 08-08-18 [https://www.tubantia.nl/binnenland/nederlandse-academici-publiceren-in-neptijdschriften~a90d016b/ Nederlandse academici publiceren in neptijdschriften]

Etymologie

* afleiding van virus

Vertalingen

Engelsvirologist
DuitsVirologe