visruim
onzijdig (het)
Wat is de betekenis van visruim?
visruim betekent: ruim van een vissersschip waarin men de gevangen, dode vis bewaart
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- ruim van een vissersschip waarin men de gevangen, dode vis bewaart
Voorbeelden van "visruim" in een zin
- De werf Lowyck is het enige nog resterende industriële scheepstimmermansbedrijf in België. De firma werd in 1962 opgericht door Alfons Lowyck -- Fonne in scheepskringen -- toen nog heel wat houten schepen werden gebouwd. Zelfs toen het staal langzaam maar zeker zijn intrede deed, moest nog veel hout worden verwerkt in het visruim, het logies, de wasruimte, de keuken, het dek en de brug. De Standaard 21/09/2002 door (yng) [http://www.standaard.be/cnt/dst21092002_100 Oostendse werf bouwt galei voor Genua 2004]
Vertalingen
Engelsfish-hold
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek