vlak

onzijdig (het)/vlɑk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wiskunde (wiskunde) een verzameling punten die twee dimensies vult
    Hij kon enkel grote vlakken inkleuren.
  2. zonder hoogte- en dieptepunten
  3. een bepaald deel van werkelijkheid

Etymologie

#zonder bergen of dalen

Vertalingen

Engelseven, flat, level
Duitsflach, Fläche, Ebene
Spaansplano, llano, raso