vlashaar

onzijdig (het)/ˈvlɑshar/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. soort dun, droog, piekerig, lichtblond haar
    Ik, daarentegen, was een pukkelig meisje met blond vlashaar, een onvervalste kaaskop dus. NRC Rosan Hollak 15 juli 2010 [https://www.nrc.nl/nieuws/2010/07/15/een-onvervalste-kaaskop-met-blond-vlashaar-11919695-a348668 Een onvervalste kaaskop met blond vlashaar]
    Het dromerige jochie met vlashaar wordt een slanke scholier met plukbaardje en bedachtzame ogen. NRC Coen van Zwol 14 februari 2014 [https://www.nrc.nl/nieuws/2014/02/14/boyhood-een-film-uit-geloof-en-optimisme-1345355-a303973 Boyhood, een film uit geloof en optimisme]
    Dit kolderieke poppetje met zijn kraaloogjes, witte vlashaar en rode puntmuts: ik moest er direct aan denken toen ik VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff maandagavond hoorde praten over de strapatsen van zijn nieuwste troef: Thierry Aartsen. Vanaf donderdag vervangt dit aspirant-VVD-Kamerlid Jeanine Hennis. HP de Tijd JAN SMIT 12 SEP 2018 [https://www.hpdetijd.nl/2018-09-12/hoe-dijkhoff-de-drs-p-van-de-vvd-werd/ Hoe Dijkhoff de Drs. P van de VVD werd]
  2. elk van de haren van een kapsel met blonde, droge, piekerige haren