vleeswaar
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvleswar/
Wat is de betekenis van vleeswaar?
vleeswaar betekent: (voeding) verzamelnaam voor producten uit bewerkt vlees, zoals worst of boterhambeleg
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) verzamelnaam voor producten uit bewerkt vlees, zoals worst of boterhambeleg
- (figuurlijk) (pejoratief) (seksualiteit) lichaamsdelen die nadrukkelijk worden getoond om erotische gevoelens op te wekken
Voorbeelden van "vleeswaar" in een zin
- Mijn slager verkoopt dit vlees in dunne plakjes, dus als vleeswaar.
- In de tijd dat Van der Knaap zelf in het leger zat hingen er al foto’s van naakte vrouwen aan de muur. „Alle vleeswaar was aanwezig, zal ik maar zeggen.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek