vluchter

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die vlucht voor de politie
    Bij een gevangenisuitbraak in de buurt van de Braziliaanse hoofdstad Brasilia zijn negen gevangenen om het leven gekomen en veertien gewond geraakt. Volgens het dagblad O Estado de São Paulo ontsnapten maandag 106 gedetineerden uit de gevangenis van het stadje Goiânia. De politie kon slechts 27 vluchters weer gevangen nemen.Tubantia 02-JANUARI-2018
  2. fietser die voor het peloton uit rijdt tijdens een wegwedstrijd
    De drie waren 10 kilometer voor de finish weggereden. Ze gingen er vandoor toen het peloton net de vijf vroege vluchters had bijgehaald. Dat waren de Nederlander Brian van Goethem, de Belgen Lawrence Naesen en Michiel Goolaerts en de Fransmannen Stéphane Poulhies en Romain Combaud.Tubantia 09-OKTOBER-2017

Etymologie

* van vluchten