vod
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (textiel) een versleten stuk weefsel, m.n. een kledingstuk, lap of doekHij was zijn motor aan het poetsen met een vod.Zij waren keurig gekleed en wij zagen er woest uit en droegen versleten vodden.
- (figuurlijk), (informeel) iets van weinig of geen waarde. m.n. een stuk papier
- (figuurlijk) informeel en/of zinloos praatje, beuzelarij
Etymologie
* In de betekenis van ‘lor’ voor het eerst aangetroffen in 1552
Vertalingen
Engelsrag, scrap
Spaansharapo, trapo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek