voeden
/ˈvudə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) van voedsel voorzien
- (techniek) (ov) een systeem voorzien van invoer zodat werking mogelijk wordt
- (figuurlijk) (ov) aanzetten, aansporen
Etymologie
* In de betekenis van ‘voedsel geven’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Vertalingen
Engelsfeed, nourish
Fransnourrir
Duitsnähren
Spaansalimentar, nutrir
Poolskarmić
Deensfodre, føde
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek