voetgangersbrug

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvutxɑŋərzˌbrʏx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verkeer (verkeer) constructie om gemakkelijk naar de andere kant van een water, diepte of weg te lopen
    In Katwijk is een tijdelijke voetgangersbrug ingestort nadat een kiepwagen tegen de constructie reed.