voordrager
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bagagedrager aan het stuur van een fietsDora gooit haar rugzak met kantoorspullen over haar schouder en bindt het mandje op Gustavs voordrager.
- persoon die vindt dat iemand ergens voor in aanmerking moet komen
- iemand die een voordracht doet
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek