voorseizoen

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. deel van het jaar voor het drukste toeristische deel van het jaar
  2. sport (sport) deel van het jaar voor het officiële wedstrijdseizoen
  3. deel van het jaar voor de zomer

Vertalingen

Engelspreseason
Fransprésaison, avant-saison