Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

vrije dag

mannelijk (de)/ˌvrɛijəˈdɑx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dag waarop je geen betaald werk hoeft te doen
    U heeft zondag immers uw vrije dag. Het staat u vrij die naar eigen goeddunken te besteden.

Etymologie

*, "dag waarop je vrij bent van de plicht te werken"