vrijerij

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. erotisch getinte, lichamelijke toenadering
  2. een vriendelijke toenadering
    Heracles liet na de vrijerij van New York City weten Pelupessy niet te willen laten gaan. De captain is een belangrijke speler op het veld en in de kleedkamer. Hij is een verbinder, een jongen die voorop gaat in de strijd en sociaal is. Tubantia Fardau Wagenaar 17-01-18 [https://www.tubantia.nl/heracles/pelupessy-ziet-sheffield-als-een-unieke-kans~a2ada5ff/ 'Pelupessy ziet Sheffield als een unieke kans']
    Geruchten over een samenzwering tussen team-Trump en het Kremlin zwollen toch al aan sinds Trumps verbale vrijerij met Poetin in Helsinki. Tubantia Karlijn van Houwelingen 28-07-18 [https://www.tubantia.nl/buitenland/trumps-loyaalste-medewerker-ooit~a2864e46/ Trumps loyaalste medewerker - ooit]

Etymologie

* van vrijen

Vertalingen

Engelslove-making, necking, petting