Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

vroedman

/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) verstandig man
    Ik ben van meening dat wy eerst den goeden raed van den Vroedman moesten gaen hooren. Die kerel, zegt men, heeft meer verstand in zynen kleinen vinger, dan wy allen hier te hoop in geheel ons lyf; en daerna, zullen wy naer zynen raed werken.
  2. beroep, neologisme (beroep)(neologisme) een man die zwangere vrouwen beroepsmatig begeleidt tijdens de bevalling van hun kind
    Dan volgt een tafereel in het oude burleske genre: Vader Jupiter verkeert in barensnood, en maakt schrikkelijk misbaar. De ‘vroedman’ Vulkaan wordt ontboden: ‘Jou schurk der schurken, Hah aanstonds toe! de bijl in top,
    Eén ding is wel veranderd: sinds de opkomst van de vroedman heet de vroedvrouw 'verloskundige'.

Etymologie

* Opgekomen als mannelijke tegenhanger van "vroedvrouw" “verloskundige”, voor het eerst (ad hoc) in 1945 (in a mythologische context), in bredere kring in de jaren 1970.

Vertalingen

Engelsman-midwife, accoucheur
Fransaccoucheur