wegverharding

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wegenbouw (wegenbouw) de aanbrenging van stenen, beton, asfalt of ander hard materiaal zodat een weg beter berijdbaar is
    Na de wegverharding kon de zandweg ook door auto's bereden worden.
  2. wegenbouw (wegenbouw) het materiaal waarmee de weg verhard wordt
    Als wegverharding heeft men klinkers gebruikt.

Etymologie

* Samenstelling van weg en verharding