wijk

mannelijk/vrouwelijk (de)/wɛik/

Wat is de betekenis van wijk?

wijk betekent: (aardrijkskunde) een bewoond deel van een stad of een gemeente

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aardrijkskunde (aardrijkskunde) een bewoond deel van een stad of een gemeente
  2. waterbeheer (waterbeheer) een watergang

Betekenis en uitleg van wijk

Een wijk is een bepaald gebied binnen een stad of dorp, vaak met een eigen karakter en gemeenschap. Het kan een woonwijk zijn waar mensen wonen, maar ook een bedrijventerrein of een winkelgebied.

Het woord 'wijk' wordt vaak gebruikt om specifieke delen van een stad aan te duiden, zoals een woonwijk waar gezinnen samenleven of een uitgaanswijk vol cafés en restaurants. Het benadrukt de sociale en geografische samenhang van een gebied. Bij het bespreken van stadsontwikkeling of buurtinitiatieven komt 'wijk' ook vaak ter sprake.

Voorbeelden

  • In de nieuwe woonwijk zijn veel gezinnen met jonge kinderen komen wonen.
  • De wijk rondom het oude station wordt binnenkort opgeknapt en krijgt nieuwe winkels.
  • Tijdens het buurtfeest kwamen bewoners uit alle hoeken van de wijk samen om elkaar beter te leren kennen.

Woordoorsprong

Het woord 'wijk' komt van het Oudnederlands 'wīc', wat 'verblijfplaats' of 'woonplaats' betekent. Het heeft verwantschap met woorden in andere Germaanse talen die ook naar een plek verwijzen.

Veelgestelde vragen over wijk

Wat is de betekenis van wijk?

wijk betekent: (aardrijkskunde) een bewoond deel van een stad of een gemeente

Hoeveel betekenissen heeft wijk?

wijk heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft wijk?

wijk is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Etymologie

*Van Latijn vicus. In de betekenis van ‘stadsdeel’ voor het eerst aangetroffen in 855

Uitdrukkingen

  • De wijk nemenErvandoor gaan

Vertalingen

Engelsborough, quarter
Fransquartier
DuitsBezirk, Ortsteil, Stadtteil
Spaansbarrio
Zweedsstadsdel