winkelruit

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het raam van een winkel
    Te zien is dat er zeker vijf kogelgaten in het glas van de winkelruit zitten
    Ze vernielden willekeurig etalages, van juweliers en telecomwinkels tot een 1-eurowinkel, en plunderden winkels. Op videobeelden is te zien dat met grof geweld werd geprobeerd ook grote winkelruiten in te slaan, zegt de politie in een persbericht.