wispel

Wat is de betekenis van wispel?

wispel betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wispelen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wispelen
  2. gebiedende wijs van wispelen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wispelen

Voorbeelden van "wispel" in een zin

  • Ik wispel.
  • Wispel!
  • Wispel je?