woning

vrouwelijk (de)/ˈwonɪŋ/

Wat is de betekenis van woning?

woning betekent: (bouwkunde) een doorgaans afgesloten constructie waarin men kan leven

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) een doorgaans afgesloten constructie waarin men kan leven

Voorbeelden van "woning" in een zin

  • In het flatgebouw waren 20 woningen gereed voor bewoning.
  • Tegelijkertijd kennen de dagelijkse zorgen van mensen over werk, wijk en woning geen pauzeknop.

Etymologie

* van wonen

Uitdrukkingen

  • de woning binnenstappenin de woning gaan
  • de woning uit moetenuit de woning gezet worden

Vertalingen

Engelsresidence, dwelling, home
DuitsWohnung
Spaansvivienda