Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

wous

mannelijk (de)/wɑus/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheldwoord (scheldwoord) iemand met ondoordacht en onaangepast gedrag
    Marihuanarokers worden nog steeds gestigmatiseerd. Ja, Koos Koets, die sfeer. Het hippiehoekje, de wous. Maar vergis je niet: in Nederland roken één miljoen mensen marihuana.
    Wat nu de wolf Ysegrijn betreftweet ik echt niet wat gezegden loochenen kan ik evenmindat ik zijn eega heb bemind.Vermits zij geen klacht heeft ingedienden geen geweld heeft plaatsgevondendeur ingebeukt of vrede geschonden,als ik van haar en zij van mij houdtwaarom klaagt dan die jaloerse wous?

Etymologie

*herkomst onbekend