Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
xanthicus
mannelijk (de)/ˈksɑntikʏs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (tijdrekening) voorjaarsmaand (rond maart) in de Macedonische kalender die eeuwenlang in de Hellenistische wereld gebruikt isDe Macedonische kalender was net als de Hebreeuwse lunisolair en kende om de paar jaar een schrikkelmaand, de maanden vallen daarom niet samen met de solaire Gregoriaanse kalender die we tegenwoordig gebruiken.Degenen dan, die tot ons afgekomen zijn tot de dertigste dag der maand van Xanthicus, zal de rechterhand gegeven worden met alle verzekerdheid.
Etymologie
*via Latijn "Xanthicus" van "Ξανθικός" (Xanthikós), in de betekenis van ‘maand in Macedonische kalender’ aangetroffen vanaf 1657 in de Statenvertaling van de in het apocrief 2 Makkabeeën
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek